Waarom Phaistos veel interessanter is dan Knossos.
- B&B the boomerang house
- 6 feb 2020
- 8 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 7 feb 2022

Met deze blog wil ik de lezer ervan overtuigen dat een bezoek aan de archeologische site van Phaistos veel interessanter is dan een bezoek aan Knossos.
De opgraving van Phaistos:
Bij zijn bezoek aan Kreta in 1853 is Phaistos voor het eest gelokaliseerd geweest door een zekere Thomas Spratt. Hij was commandant van de Spitfire, een oorlogsschip van de
Britse Royal Navy. Hij maakte gebruik van de coördinaten
die hij vond in een werk (Geographika) van
Strabo (64 voor chr – 23 na chr), een Grieks filosoof en geschiedkundige.
Hij vond een dorp van een 16tal huizen met de naam “Kastri” (vrij vertaald: kasteel) Het dorp stond bovenop de ruïnes van Phaistos, maar de oude fortificatiemuren waren nog duidelijk zichtbaar. In 1884 begonnen F. Halbherr en A. Taramelli met het blootleggen van Phaistos na het verwijderen van de huizen van het dorp Kastri. Zij waren professoren aan de Italiaanse Archeologische School van Athene en volgden nauwgezet de toen, en nog steeds, geldende regels. De verdere opgraving werd geregisseerd door Luiggi Pernier, die trouwens in 1908 de beroemde “Discus van Phaistos” vond.
Na de 2de wereldoorlog werden de opgravingen voortgezet door Doro Levi en zijn nog steeds aan de gang onder auspiciën van de Italiaanse Archeologische School in Athene door professor Vicenzo La Rosa, (tot aan zijn dood in november 2014) en zijn team.
De naam is in 1955 aan de site gegeven toen men geschriften in Lineair B vond in Knossos waar men over een zeker “pa-i-to” sprak, refererend naar dit complex. Hieruit concludeerde de archeologen dat naar alle waarschijnlijkheid Phaistos bedoeld werd.

Op deze site ziet de bezoeker wat er gevonden is, zonder enige “heropbouw”, buiten de hier en daar
benodigde verstevigingen van de structuren om verder verval tegen te gaan.
De ligging is exceptioneel, zeker vanuit strategisch oogpunt en van hier heb je een prachtig zicht over
de Messaravlakte en de kust.
De Knossos site = nep
De grootste ” tourist-trap” van het eiland is natuurlijk Knossos. Maar dit zal voor velen zeer choquerend overkomen. De archeologische site zoals ze nu bezocht wordt is volledig nep. Niets van wat er te zien is, is origineel. Het volledige “paleis van koning Minos” , of beter gezegd de restanten ervan, zijn gerealiseerd in de jaren 1900 – 1910 en later. Dit gebeurde onder leiding van ene Arthur Evans, die geen archeoloog was maar bibliothecaris van het Ashmolean museum gelegen in de universiteit van Oxford in Engeland, en werd uitgevoerd door een aantal bouwvakkers en kunst- en decorschilders. Er werd gebruik gemaakt van gewapend beton dat op zijn beurt overschilderd werd met onder andere houtmotieven. Knossos was het eerste gebouw op Kreta waar gewapend beton gebruikt werd, lang voordat dit algemeen werd in de bouwsector op het eiland! De fresco’s en muurschilderingen zijn meestal ontsproten aan het brein van Evans, die kost wat kost wou bewijzen dat hij het “paleis van koning Minos “ met het labyrint van de Minotaurus ontdekt had.

De laatste tijd duiken er regelmatig oude zwart-wit foto’s op van de site van Knossos van voor Evans’ “verbouwingen”. Hierop is des te meer te zien dat er niet zoveel meer rechtstond en dat wat er nu te zien is volledig op het conto van Evans en zijn “bouwvakkers” kan geschreven worden.
Zo kan men op onderstaande foto’s duidelijk zien hoe de ruimte er bij lag die door Evans als “Troonzaal” werd ingericht. Dat de aangebrachte muurschilderingen volledig nep zijn hoeft niet gezegd.


De nieuwe lichting archeologen noemen Knossos dan ook het “Disneyland van de archeologie” en zijn ook niet blij dat men de term “Minoïsche beschaving”. Een benaming die nog steeds gebruikt wordt, zelfs door degenen die bewezen hebben dat Evans’ mythologisch verhaaltje in Knossos grotendeels fout is. Het staat onomstootbaar vast dat de Egyptenaren de toenmalige bewoners van Kreta de “Keftiu” noemden. Men mag er dus van uitgaan dat de bewoners zichzelf dus ook zo noemden.
Enkele jaren geleden waren er plannen om de site volledig te overkoepelen met een enorm glazen dak en de bezoekers via een monorailbaan rond te laten toeren in Knossos. Door de crisis is dit plan niet doorgegaan omdat de nodige fondsen ontbraken. Spijtig genoeg want volgens mij had dit beter aangeleund bij wat Knossos vandaag de dag is: een soort attractiepark.
Natuurlijk is Knossos veruit de meest verkochte excursie aan de vele toeristen die zich aan de noordkant van het eiland in de grote “ all-inclusive” resorts bevinden. Omdat het mythologisch verhaal beter verkoopt, laat men de toeristen in het ongewisse over de echtheid van wat ze zien omdat dit de tour operators, de reisagenten en de Griekse staat veel geld opbrengt. Aan de ingang staan “gehaaide” gidsen op welwillende toeristen te wachten om voor redelijk veel geld een rondleiding op de site aan te bieden. Zij vertellen allemaal het mythologisch verhaal van koning Minos, de minotaurus in het labyrint die door Theseus werd gedood en over de draad van Ariadne. Ze tonen de “kamer van de koning”, de “kamer van de koningin”, de “troonzaal” en ga zo maar door. Ik vraag me stellig af hoeveel van die miljoenen toeristen die jaarlijks Knossos bezoeken op de hoogte zijn van het feit dat alles wat ze daar zien niet origineel is, want ook deze gidsen reppen daar natuurlijk met geen woord over.
Knossos = GEEN paleis
Het complex van Knossos is helemaal geen paleis, en zeker niet van koning Minos. Het was een multifunctioneel complex waar onder andere de hoogste in rang zetelde. Verder deed het dienst als sportstadion, werd er recht gesproken, werden er culturele manifestaties gehouden, rituele processies,… In het complex zijn ook een aantal werk- en opslagplaatsen aangetroffen, waar zaken gemaakt en bewaard werden die verband hielden met de verschillende activiteiten aldaar. Dus vertaald naar onze tijd was dit de verzameling van een aantal gebouwen zoals wij die nu apart kennen: residentiële zetel, stadhuis, kerk, gerechtshof, sporthal, theater en muziekzaal.
Minoïsche beschaving = foute naam
De term “Minoïsch” is ontsproten aan het brein van Evans, naar de mythische koning Minos. Minos was geassocieerd met het labyrint van de Minotaurus en Evans beweerde dat hij in Knossos dit labyrint gevonden had. Zoals ik reeds vermeldde zijn in Egypte hiërogliefen ontcijferd waarop sprake is van het huidige Kreta en zijn bewoners. Zij noemden de toenmalige bewoners van Kreta de “Keftiu” en in de Semitische Mari archieven is “Kaftor” of “ Kaptara” waarschijnlijk de naam die naar het huidige Kreta verwijst. In de Odysseus van Homerus, geschreven eeuwen na de bloei van de Minoïsche beschaving worden de inwoners van Kreta “Eteo-Kretenzers” genoemd of de “echte” inwoners van Kreta. Waarschijnlijk zal men later één van deze twee benamingen gebruiken om het volk dat in die tijd op het eiland leefde aan te duiden.
Ook weigerde Evans zolang hij leefde de gevonden inscripties in het “Lineair A” en “Lineair B” die in zijn bezit waren beschikbaar te stellen voor verder onderzoek, zodat het meer dan 50 jaar geduurd heeft voor deze taal (Lineair B) ontcijferd werd door Michael Ventris. Toen bleek het dat het om een vroege vorm van Oud Grieks ging, en geen op zichzelf staande “Minoïsche taal” zoals Evans beweerde.
De fresco’s zijn recent
De meeste muurschilderingen zijn reconstructies gemaakt door vader en zoon Gilliéron naar een aantal kleine, op de site gevonden, fragmenten die door Evans bijeen gepuzzeld werden. Zowel vader als zoon zijn later veroordeeld voor vervalsing, fraude en oplichting. De attentvolle bezoeker van het archeologisch museum in Heraklion zal meteen merken dat van de meeste fresco’s slechts zeer kleine fragmenten authentiek zijn. Kunsthistorici geven maar al te graag toe dat de restaurateurs van de fresco’s van Knossos onder grote invloed van Art Nouveau en Art Deco ( de kunststromingen van begin 1900) hebben gestaan. Bij de aanblik van de muurschilderingen valt het onmiddellijk op dat zij zeer hedendaags aandoen en zoals Evelyn Waugh preciseerde bij haar bezoek aan het archeologisch museum van Heraklion in 1920: zij lijken wel op covers voor “Voque”! Archeologen hebben al bewezen dat veel van die “Evans puzzels” fout zijn en dat veel door hem in één fresco samengevoegde stukken tot verschillende andere behoorden. Het befaamde fresco van de “Priester-Koning” is bijvoorbeeld door Evans zo gemanipuleerd dat de figuur op de schildering een kroon draagt om te kunnen bewijzen dat er “Royals” rondliepen en dus Knossos een koninklijk paleis moest zijn. Het fragment waar de kroon naar geschilderd werd behoorde zeker niet toe aan het fresco van het kleine aantal fragmentjes van de persoon eronder. Anatomisch staat de figuur in een rare positie: het hoofd staat anders gepositioneerd dan de torso. Andere fresco’s, zoals die met de afbeelding van “Griffioenen”, zijn volledig nep en dienden enkel om het “paleis” wat op te smukken. Een griffioen is een mythologisch dier (half arend half leeuw) en was zeker niet gekend in die tijd, dus hoe zouden de kunstenaars van die tijd dit “fabeldier” als inspiratie kunnen gebruikt hebben? Het fresco met de dolfijnen is geschilderd door de Nederlandse kunstenaar Piet de Jong. Bewijzen dat er inderdaad muurschilderingen van dolfijnen waren zijn nooit gevonden. Het “Ladies in blue” fresco is door vader Gilliéron geschilderd nadat enkele minuscule fragmentjes gevonden werden met schitterend blauwe kleurschakeringen op. Dit fresco is dan later zwaar beschadigd door een aardbeving in 1926 en vervolgens “gerestaureerd” door zijn zoon. Hoe kan men hier nog van een originele muurschildering spreken? Bij de restauratie van het fresco dat door Evans “Captain of the Blacks” genoemd werd, ging hij ervan uit dat er zeker “negers” als slaven op werden voorgesteld alleen maar omdat hij in de omgeving enkele zwart geschilderde fragmentjes gevonden had die waarschijnlijk helemaal niet tot de figuren op het fresco behoorden.
Vele artefacten zijn nep.
Van het bekende beeldje van de “Slangengodin” bestaan zeker 4 replica’s, die door Evans en zijn omgeving alle 4 als origineel werden verkocht om extra fondsen te verkrijgen voor de wederopbouw van Knossos. Zo beweert het Museum of Fine Arts in Boston, alsook het Fitzwilliam Museum in Cambridge, het Ashmolean Museum in Oxford en natuurlijk ook het Archeologisch Museum in Heraklion dat zij het originele beeldje in hun bezit hebben. Hetgeen tentoongesteld staat in Oxford is door Evans zelf aangekocht, hij was tenslotte bibliothecaris van het museum. Na een studie door experten werd vastgesteld dat van dit beeldje alleen het hoofd en een deel van de bovenromp origineel zijn. De rest is er later bijgevoegd. Ook andere gevonden artefacten zijn nu bestempeld als frauduleus en zeker niet authentiek.
De beroemde Dubbele Bijl, door Evans “the Horns of Consecration” genoemd, doet zo modernistisch aan dat Barbara Hepworth bij haar bezoek aan Knossos in 1950 zei dat dit gerust een werkje van haar hand had kunnen zijn en dat het zo contrasteert met de andere artefacten dat het zeer de vraag is of sommige kunstenaars in die tijd zo een modernistische kijk op hun creaties hadden. Gilliéron junior heeft later moeten toegegeven dat de als origineel bestempelde “Ring of Nestor” door hem is gemaakt en dus nep is.
Eindbemerking:
Ik laat iedereen vrij om de keuze te maken of ze Knossos willen bezoeken of niet. Het lange aanschuiven om binnen te geraken, het verbod om de paadjes te verlaten, de enorme drukte en het geharrewar van de vele bezoekers en het moeten aanschuiven in de volle zon om de “zogezegd” interessante delen van Knossos te mogen zien moet je er voor over hebben. Eens binnen op de site, hou dan in gedachte dat wat je daar te zien krijgt recent is en zeker niet origineel. Het is een evocatie van hoe het zou kunnen geweest zijn, maar niemand kan garanderen dat het er effectief zo heeft uitgezien.
BRONNEN:
-“The Labyrinth of Interpretation: On Cathy Gere’s Knossos and The prophets of Modernism” by Marnin Young, Yeshiva University
-“Tourists, Archaeologists, and Goddesses. The Palace of Knossos in mid 20th century travel literature” by Dale Whitmore, department of Anthropology and English Memorial University of Newfoundland
-http://en.wikipedia.org/wiki/Minoan civilization
-“ Archaeology and the Truth of Man’s Prehistory” by Susan Kokinda
-“Knossos:Fakes,Facts and Mystery” in The New York Review
-www.scuoladiatene.it
Comments